15.12.11

Ik ben een klootzak.

Ik had de mooiste vrouw van de wereld in mijn armen. Ik had het perfecte leven voor me staan. Ik had alles dat een man zich kan wensen en nog zo veel meer. En dan twijfel ik alsnog.

Wat is er toch mis met mij? Waarom ben ik niet gewoon tevreden met wat ik heb? Waarom wil ik minder, als ik het beste kan krijgen? Kan iemand dit mij uitleggen?

Ik las vandaag alles terug, alles wat ik ooit over jou had geschreven. Over je mooie ogen, je handen en je dromen. Over jou, en hoe leuk je bent.

Over wat je met me deed, "al" twee en een half jaar lang. En de dingen die we samen beleefden, de hele ontwikkeling van het leven. Dat van jou EN dat van mij. We hadden zo veel samen.


Ik ben verdomme een klootzak, weet je dat? Ik had het perfecte in mijn leven. Alles dat een man maar wensen kon. En ik zette je aan de kant. Verdomme. Waarom?

18.2.11

Zullen we samen terug gaan. Terug in de tijd.
Naar toen we samen nog klein waren, onschuldig en onbeperkt.
Toen wij elkaar nog niet kenden, elkaar nog niet spraken.
Alleen nog maar zagen.

Laten wij samen terug gaan.

7.1.11

Babylon.

For there was no person in sight, there was no voice to be heard.
For there was no one left to live in this place.

The streets of Babylon remained silent.

19.11.10

Door de storm.


Op een koude lentedag, in het begin van mei. Snijdend door het 
landschap, rijdend in een lijn.

Het is echt stormweer, de regen knalt tegen het raam. Het dak lijkt te 
kraken door de druppels die vallen. De grijze wolken maken het donker, 
de warmte van hierbinnen lijkt misplaatst.

Ik kan niet veel zien door de ramen. Het temperatuurverschil heeft ze 
doen beslaan.

Maar het is een mooi gevoel zo, door de storm in de trein. Iedereen 
kijkt naar buiten en alle stemmen zijn stil. Allemaal luisterend naar 
de storm van vandaag.